Piet Zwart in het Haags Museum

LEVENSLOOP
Zwart volgde van 1902 tot 1907 een opleiding aan de Rijksschool voor Kunstnijverheid Amsterdam. Daarna werd hij aangesteld als docent tekenen en kunstgeschiedenis aan de Industrie en Huishoudschool voor meisjes in Leeuwarden. In 1913 verhuisde hij naar Voorburg en van 1913 tot 1914 studeerde hij aan de TU Delft. Hij begon zijn carrière als medewerker van het Voorburgse bureau van Berlage.

In 1919 trad hij als tekenaar/ontwerper in dienst van Jan Wils. Voor Wils' belangrijkste opdrachtgever, de firma Bruynzeel, ontwierp Zwart, in samenwerking met Vilmos Huszàr, enkele interieurs. Na zijn vertrek bij Wils in 1922 bleef hij voor Bruynzeel werken en ontwierp in de jaren dertig de bekende Bruynzeelkeuken.
Als vormgever werd Zwart vooral bekend door zijn werk voor de Nederlandsche Kabelfabriek Delft en de PTT, en als pionier van de moderne typografie. Hij verwierp traditionele typografische regels, in plaats daarvan gebruikte hij de basisprincipes van het constructivisme en De Stijl in zijn commerciële werk. Zijn werk is herkenbaar door de primaire kleuren, geometrische vormen, herhaalde woordpatronen, strakke diagonaal geplaatste belettering en een vroeg gebruik van fotomontage. Kenmerkend voor deze stijl zijn tien omslagontwerpen voor de Monografieën over Filmkunst, uitgegeven door de firma Brusse in Rotterdam. Voor de firma Bruynzeel in Zaandam ontwierp hij enige catalogi. Ook zijn collega's Paul Schuitema en Gerard Kiljan werkten ongeveer op dezelfde manier en hadden veel contact met elkaar.

Hij was docent op de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag waar hij vele studenten ingrijpend beïnvloedde waaronder de fotograaf Emmy Andriesse.

Het Piet Zwart Institute, een onderdeel van de Willem de Kooning Academie is naar hem vernoemd. Hij was van 1919 tot 1933 docent aan de Rotterdamse Academie van Beeldende Kunsten en Technische Wetenschappen. In 1933 werd hij van de Academie ontslagen, nadat hij zich vrij expliciet had uitgesproken over de herinrichting van het kunstonderwijs.

Hij ontving de in 1959 de Quellinusprijs voor typografisch werk, in 1964 de David Roellprijs en in 1966 de Honorary Distinction of Royal Designer for Industry. Tijdens de nieuwjaarsreceptie van 1999 riep de Beroepsorganisatie Nederlandse Ontwerpers (BNO) hem uit tot "dé Nederlandse ontwerper van de 20ste eeuw". Zijn werk wordt inmiddels verzameld door musea in binnen- en buitenland. In december 2006 werden enkele van zijn straatbanken opgenomen in de collectie van het Gemeentemuseum in Den Haag.

Bruynzeelkeuken
Piet Zwart was de eerste die een keuken ontwierp met het oog op massaproductie. Hij ontwierp deze keuken voor de firma Bruynzeel. De keuken bestond uit gestandaardiseerde elementen die door machines konden worden gemaakt. Deze onderdelen konden op verschillende manieren worden gemonteerd, zodat de klant enige inspraak had in het ontwerp van de keuken. In 1938 werd zijn keuken, inmiddels bekend als de Bruynzeelkeuken, na 3 jaar onderzoek in productie genomen. Piet Zwart integreerde de toestellen als de koelkast en het fornuis in het ontwerp van de keuken, waar anderen open ruimte lieten voor deze toestellen. Zwart vond het nodig esthetische kwaliteit te koppelen aan sobere doelmatigheid.

Bron: Wikipedia
Zie ook: www.marcuse.nl/page.php?pageID=153