Inleiding


Industriële Archeologie of HAIKYO ( in het Japans ), is een hype geworden onder de naam Urban Exploration (URBEX), dat gaat vaak zover dat men zich zelf blootstelt aan allerlei niet ondenkbare gevaren.
Immers in verlaten gebouwen of fabrieksterreinen liggen nog vaak gevaarlijke stoffen of andere zaken waardoor ongelukken kunnen ontstaan, welliswaar aangeduid met waarschuwingsborden, maar dat weerhoudt diegenen op zoek naar uitdagingen niet tegen.
Hieronder een fragment van relaas van een urban explorer:
"Samen met een vriend was hij via een open ruit naar binnen geklauterd om na een kwartiertje fotograferen opeens te zien hoe een auto het erf opdraaide. Eenmaal verstopt tussen stellages en spinnenwebben, hoorde hij hoe het open ruit dichtgetimmerd werd".

Anderen daarentegen werken vanuit hun eigen beleving, herinnering of ervaring en zijn nieuwsgierig wat er in het heden nog over is van wat ooit bloeiende industrieën waren waar duizenden een baan voor het leven hadden. Vast niet altijd goed betaald maar zekerheid vaak van vader op zoon bestond toen nog wel.

ACHTERGROND
Tijdens mijn opleiding tot fotograaf en grafisch vormgever vanaf 1952 en de beginjaren van mijn beroepspraktijk, na mijn militaire dienstplicht in 1958, kwam ik in aanraking met fabrieken en werkplaatsen die al aangepast waren aan naoorlogse productiemethoden of op het punt stonden gesloopt te worden.
Ik voer mee op de laatste stoomsleepboten van Goedkoop, die nadien omgebouwd en voorzien werden van dieselmotoren of voor sloop verkocht werden.

Het verleden was niet langer in tel het ging uitsluitend om de toekomst, het zou nog minstens een 10-tal jaren duren eer men besefte wat er al voor goed verdwenen was en het begrip industriële archeologie deed z'n intrede.

Zo verging het mij ook en speurend in mijn archief vond ik b.v. een reportage uit de verdwenen IJzergieterij J.Zimmer en Zonen in Amsterdam en de vele foto's vanaf de sleepboten van Goedkoop eveneens verdwenen op het IJ van Amsterdam of het Noordzeekanaal.
Veel later ontdekte ik verlaten zeepfabrieken op het Griekse eiland Lesvos en molens op een ander Grieks eiland Karpathos en mijn belangstelling was gewekt.
Een bezoek aan het Zuiderzee Openlucht museum met mijn zoon gaf voor mij de doorslag, omdat dit bezoek voor hem een verwijzing naar zijn roots inhield en het mij daardoor duidelijk werd dat er zonder verleden ook geen toekomst is.